Hoe houd je het leuk met collega’s? (B2)

Journalist Sara Madou vindt socializen tijdens en na het werk moeilijk. Ze vindt het lastig om haar grenzen aan te geven bij collega’s of haar baas, want ze wil geen slechte sfeer op haar werk veroorzaken.

Je hebt je collega’s al de hele week gezien en zit op vrijdagavond misschien liever in de kroeg of bij je vrienden thuis dan op het kantoor met een lauw biertje. Of misschien ben je van de school ‘ik kom op mijn werk om te werken, niet om vrienden te maken’. Toch is het contact met collega’s op je werk heel belangrijk. Uit onderzoek is gebleken dat 39% van de Nederlanders ‘salaris’ op nummer 1 zet. Dit is een daling vergeleken met het jaar daarvoor. 30% vindt het belangrijk om een goede relatie met collega’s te hebben. Dit is juist een stijging vergeleken met vorig jaar.

Lieke Bezemer is werkcoach bij Happy Working Life en komt strubbelingen op dit vlak vaak tegen: ‘De een heeft meer behoefte aan rust en persoonlijke ruimte dan de ander. Dat iemand meer persoonlijke ruimte nodig heeft, maakt die persoon helemaal geen slecht mens. Ik geef mensen altijd mee: ga goed na waar je energie van krijgt en wat energie kost. Dan kun je ook makkelijker verantwoorden naar collega’s waarom je iets niet doet, en nemen zij dat weer sneller voor waar aan.’

Het analyseren van je behoeften op dit vlak, begint vaak bij een knagend gevoel. Volgens Bezemer kun je dit doen door regelmatig te reflecteren. Waar zitten de plussen en de minnen? Wat geeft voldoening  en wat is frusterend? Door dit een paar weken bij te houden kun je al snel de energievreters lokaliseren. Bezemer geeft aan dat dit ook zoiets kan zijn als een overdosis appjes van collega’s of geklets om je heen.

Woordenlijst

  1. socializen = informeel communiceren met mensen.
  2. lauw = tussen warm en koud in.
  3. daling = het is minder geworden.
  4. stijging = het is meer geworden.
  5. strubbelingen = probleem of onenigheid tussen mensen.
  6. ga na / nagaan = controleren.
  7. nemen voor waar aan / voor waar aannemen = in dit geval: accepteren / ervanuit gaan.
  8. een knagend gevoel = inwendig, knellig gevoel. Je voelt dat er iets niet klopt.
  9. plussen = dingen of situaties waar je blij van wordt.
  10. minnen = dingen of situaties waar je juist niet blij van wordt.
  11. voldoening = een toestand waarin je niet naar meer verlangt dan dat er op dat moment is.
  12. frusterend / frustreren = een slecht gevoel / ontvreden / ergeren.
  13. lokaliseren = de plaats bepalen / de plaats vaststellen van.

 

De tekst + woordenlijst printen? Dat kan hier: B2 – Hoe houd je het leuk met collega’s

 

*Dit is een herschreven artikel van Flow magazine – nummer 4 – 2019

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.